Calcaire F; kalk
Calcium Een metaal. Krijt
Calciumsulfiet Synthetisch conserveermiddel. Wordt vaak gebruikt in cider.
Calificada Status van een wijnbouwgebied. Hogere kwaliteit dan DO, strengere eisen. Voorbeeld: Rioja
Californië USA; belangrijkste wijnbouwgebied van het land. Ook zijn druiven bedoeld als tafeldruif of voor de productie van rozijnen. Na Italië, Frankrijk en Spanje het grootste wijnbouwgebied met meer dan 224.000 ha en zo'n 2 miljard liter wijn, gemaakt door 1000 wijnhuizen en 4400 druiventelers. Het gebied kent lange droge zomers met koele nachten.  Spraakmakend gebied: benaderd Bordeaux in kwaliteit, soms in prijs. Betrouwbaar, hoge kwaliteit. Industriële aanpak: Gallo, Mondavi, Sutter Home. Bekende regionale streken (AOC) zijn Napa Valley en Sonoma County
Cabernet franc Een uit de Bordeaux afkomstige druivensoort, naaste familie van de cabernet sauvignon. Komt nu in vele streken en gebieden voor: Saumur, Hongarije. De wijn is wat vriendelijker, aromatisch, heeft flink tannine. Mooi zijn de gerijpte wijnen. Wordt vaak geassembleerd, maar niet in Chinon, Saumur-Champigny, Bourgueil
Cabernet sauvignon Druivenras dat bepalend is voor rode Bordeauxwijnen. Gedijt het beste op schrale bodem, heeft enige rijping nodig. Kan zelfs heel lang houdbaar zijn. Donkere wijn, veel tannine, pittig, kruidig. Komt tegenwoordig in bijna alle wijnproducerende landen voor
Cantina Italiaans voor wijnhuis, kelder, fabriek
Cantina sociale In italiè een coöperatie waar wijn wordt gemaakt en de afzet wordt geregeld. Samenwerkingsverband
Capsule Omhulsel dat over de mond en een deel van de hals van een fles wordt aangebracht. Van metaal of kunststof. Dient op de meest correcte wijze enige mm. onder de mond van de fles afgesneden te worden om contact met de wijn te vermijden
Cask E; vat
Casse F; letterlijk: breuk. Aanduiding voor een wijnziekte, casse blanche, casse ferrique en casse brune.
Cave F; kelder, meestal daar waar de wijn wordt gemaakt, vaak ondergronds om de temperatuur constant te houden
Caveau F; kleine kelder; proeflocatie
Cellar Eng; kelder
Cépage F; letterlijk: soort. Wordt in de wijnwereld  gebruikt om aan te geven dat de wijn voor 100% van één druivensoort is gemaakt. Wettelijke begrenzing meestal bij 85%
Cépages nobles F; edele druivensoorten waarvan de beste wijnen worden gemaakt. Geen wettelijke benaming. In Duitsland is dat Riesling en Spätburgunder, in de Bordeaux: cabernet sauvignon en sauvignon blanc, Bourgogne: pinot noir en gamay in de Beaujolais. Chardonnay in de Champagne en Bourgogne. Tannat in Uruguay. 
Chablis F;  noordelijkste wijnbouwgebied van de Bourgogne. Beroemde witte, strakke wijnen van chardonnay. Gevaar voor nachtvorst. Kalk en kiezelbodem.
Chai F; bovengrondse kelder waar wijn wordt gemaakt, voorbeeld Château Giscours
Chambreren  het op serveertemperatuur laten komen van een fles rode wijn welke uit de kelder o.i.d. komt
Champagne 1 - wijnbouwgebied in noordwest Frankrijk met bijzondere klimatologische en bodemeigenschappen: kalkbodem, bescherming tegen koude, vochtregulering door bossen en de rivier de Marne. Druivenrassen: ongeveer 50% pinot meunier, 25% pinot noir, 25% chardonnay.
2 - wereldwijd bekende mousserende wijn, gemaakt volgens de méthode champenoise van pinot noir, pinot meunier en/of chardonnay. Meestal staan wijnen van meerdere jaren aan de basis van een champagne, wat een zekere constante in kwaliteit oplevert (assemblage). In hele goede wijnjaren wordt wijn van één jaar gebruikt en leveren een millésime-champagne op
3 - Rosé Champagne is een vorm van productontwikkeling welke met name bij de koningshuizen rond 1900 en de huizen van plezier (2000) wordt geschonken. Hoeft niet in kwaliteit/smaak onder te doen voor de witte. Wordt gemaakt door aan de witte basis wijn rode wijn toe te voegen, welke veel kleur en body heeft
Champenoise een wijn gemaakt volgens methode champenoise
Chapeau F; laag welke op de gistende most ligt, bestaande uit vel, pit, schuim. Geeft bij het doorroeren weer meer smaak aan een wijn. Het kan ook juist de bedoeling zijn dat deze laag blijft liggen om zuurstof buiten te sluiten.
Chapiter  Proeverij van een wijnbroederschap
Chaptaliseren F; ook: Anreicherung (D), zuccheraggio (I). Het toevoegen van suiker of suikerrijke most aan most of gistende wijn. Genoemd naar Chaptal (F; 1756-1832). Aanvankelijk gebruikte men ook honing.
Suiker wordt toegevoegd om de juiste smaak te verkrijgen: waar bij vlees de smaak in het vet zit, komt veel smaak van wijn uit suiker en de restproducten van de gisting. In Frankrijk wordt gechaptaliseerd om een wijn binnen de regels van een appellatie een minimaal alcoholgehalte te kunnen geven. Het toevoegen van suiker komt in alle wijnlanden voor.  In Duitsland is dat niet voor wijnen met predikaat toegestaan, in de meeste andere wijnlanden is men niet zo streng! In de Nieuwe Wereldlanden heeft men geen wetgeving om toevoeging van suiker te reguleren. In Europa zijn toevoegingen wettelijk begrensd. 
Chardonnay 1 - ook wel pinot chardonnay. Wereldwijd meest aangeplante witte druif, bekendste ook. Beroemd geworden in de Champagne en de Bourgogne, o.a. Mâcon, Chablis. De aroma's in wijnen van deze druif: ananas, kokosnoot, appel, peer, honing, haagdoorn, vanille, boter, geroosterd brood, geroosterde amandelen en noten
2 - dorp in Mâconnais
Charente F; 1 - rivier
2 - streek rond de gelijknamige rivier. Herkomstgebied van cognac
Charmat 1 - Eugène Charmet, grondlegger (1910) van het Charmatproces
2 - proces waarmee goedkoper en sneller mousserende wijn kan worden gemaakt.  Charmat vond uit dat in een tank, in een anaëroob  milieu, onder de chapeau, een tweede gisting (net als in de fles) plaats kan vinden. Het vat is gesloten en door de vrijkomende CO2 neemt de druk in het vat toe. Ook filtreren en afvullen wordt onder druk van CO2 uitgevoerd. De wijnen zijn minder fijn dan bij een tweede gisting op fles en de bubbels verdwijnen snel in het glas
Château F; 1 - letterlijk: kasteel of slot. In de praktijk kan dit evengoed een grote boerderij of anderszins zijn. 
2 - komt veel voor in de Bordeaux, waar het de cru aanduidt. Heeft daardoor internationaal navolging gekregen. Ook domaine, clos, cru, weingut, mas
Châteauneuf-
du-Pape
F; AC in in het zuidelijke Rhônegebied, linkeroever. Rode wijn met grote faam. Vernoemd naar een kasteel, nu een ruïne, welke door pausen werd gebouwd. De druiven groeien in een vroegere zijtak van de Rhône: zeer schrale grond met grote kiezels. De wijn wordt gemaakt van meerdere druivenrassen, zoals syrah, mourvèdre en grenache.
 Is enorm krachtig, vurig en verwarmend. Gerookt, kruidig, framboos en jodium. Kwaliteit door de jaren is wisselend, zowel voor de dure als de goedkope wijnen.
Chaud F; verwarmend, vurig. Door hoog alcoholgehalte en/of kruidigheid verwarmend overkomend
Chaufferette F; klein kacheltje die in de wijngaard wordt geplaatst om de vorst te weren
Chêne F; eikenhout. "Soupe de chêne": een wijn welke uitsluitend naar eikenhout smaakt, zie ook fûts de chêne
Chenin blanc Druivenras, wit. Komt veel voor in de Loire en in Zuid-Afrika, alwaar het ook Steen wordt genoemd. Jonge wijnen: floraal en hooi. In geconcentreerde zoete vorm duidelijk abrikozenaroma, perzik, pompelmoes en amandel; weelderige rijkdom met intense frisheid. Ook in Californië en Australië
Chinosol In de 60-er jaren van de 20e eeuw ontdekt als middel tegen botrytisschimmel
Chips USA; term voor het gebruik van houtsnippers om een houtsmaak aan de wijn te geven. Dit in tegenstelling tot het traditionele vat, waarin wijn ligt te rijpen. Deze snippers kunnen ook staven, balken of planken zijn
Cider Licht mousserende appelwijn uit Normandië en Bretagne. De drank bevat koolzuur, omdat hij volgens de traditionele bereidingswijze op de fles nagist. Cider bevat 5-10% alcohol. Er is droge (sec) en lichtzoete (demi-sec) variant verkrijgbaar Evenals echte champagne, wordt de kurk op zijn plaats gehouden door een korfje van ijzerdraad. 
Cisterciënzer Vrouwelijke kloosterorde welke voor een enorme impuls aan de wijnbouw in Europa heeft gezorgd. De orde werd opgericht in 1098 door St. Robert. De idealen sluiten aan bij die van de vroeg Benedictijnen. Het leven en het werk van St. Bernard was hen tot voorbeeld. Landbouw werd gezien als een zuivere activiteit om af te zonderen, te denken en te bidden. Regionaal hadden de nonnen soms erg veel invloed, zoals in Catalonië, Bourgogne en Duitsland
Citroenzuur Bestanddeel in wijn. Mag worden toegevoegd aan wijn: 0,2 - 0,6 g/l. 
Classic D; wijnkwaliteit sinds 2000. Droog, maar mag tot 15 g/l suiker bevatten. Typische druivenrassen voor het gebied, zie artikel
Classico I; wijn uit het hart of oudste deel van een productiegebied, zoals Chianti Classico of Bardolino Classico
Classificeren belangrijk begrip om de etikettering van wijnen te kunnen begrijpen. Een beroemde classificatie is die van de Bordeaux in 1855; de oudste classificatie is uit 1756 uit Portugal. 
Clavelin F; typische fles van 62 cl. voor de vin jaune
Clos F; letterlijk: gesloten, dicht. In wijnland wordt een omheind stuk land bedoeld, meestal een muur. Wordt ook gebruikt om een wijnhuis mee te duiden
Cognac F; 1 - plaatsje aan de rivier de Charente, ten noordwesten van Bordeaux
2 - drank.
Cohn Winery USA; in 2002 het duurste wijnhuis, 31,5 mio dollar, gekocht door Francis Ford Coppolla. Deze is al eigenaar van Niebaum-Coppola
Colheita P; bijzondere port van één oogstjaar. Meestal zeer oude ports (minimaal zeven jaar) die lang in houten vaten hebben gerijpt, waardoor het zuurstof haar werk heeft kunnen doen en water uit de wijn verdampt -> concentratie. De vaten worden met eenzelfde wijn aangevuld. Vervolgens flesrijping. Licht van kleur en zacht van smaak
Collage, coller F; klaren van de wijn. Komt van samenklonteren; eiwitten laat men uitvlokken. 
Condrieu F; behoort tot de zeldzaamste witte wijnen ter wereld. De wijn wordt volledig van de viognier druif gemaakt, op nieuwe eikenhouten vaatjes gevinificeerd en is op zijn lie blijven liggen. Zeer subtiel tropisch fruit zonder overdreven te zijn, zoals vele viognier wijnen kunnen zijn
Conférie F; wijnbroederschap
Coöperatie Algemeen verschijnsel in de landbouw. Eigenlijk een samenwerkingsvorm, waarbij de boeren eigenaar van het bedrijf zijn. De druiven worden in een centrale inrichting verwerkt tot wijn. De kwaliteit is veelal minder dan de cru's en de kleinere specialisten kunnen maken. Uitzonderingen daargelaten. D: Genossenschaft
Corps F; smaakaanduiding voor een volle, stevige wijn
Coulure F; plantenziekte. Bloesemval: het tijdens de bloei onbevrucht blijven van de bloesem. Dit wordt vooral bepaald door de afwezigheid van bestuivende insecten, te koud, nat weer of door ziektes of virussen. Het gevolg kan zijn: lage opbrengst, groot verschil in besgrootte.
Coupe type glas wat feestelijk staat met champagne. Helaas gaan daarmee wel alle aroma's verloren. Beter is een tulpvormig glas, of een hoog fluitglas
Courtier F; speelt een bemiddelende rol tussen de producenten en de handelaren. Reeds in de 15e eeuw waren dit ambtenaren met ministeriele verantwoordelijkheid. Spelen een belangrijke rol bij de vaststelling van de classificaties. Nu is de courtier nog steeds een ambtenaar: hij inspecteert de wijngaarden voor de oogst, onderhoudt contacten met zijn klanten, de négociants, en adviseert. Hebben een enorme kennis van de markt en de wijnen. De allerbeste worden gevraagd in een apart vakgenootschap, en worden dan courtier-gourmet-piqueur
Crémant F; mousserende wijn gemaakt volgens de méthode traditionelle. Heeft een lagere koolzuurdruk dan wijnen gemaakt met de méthode champenoise. Hoeft niet voor andere mousserende wijnen onder te doen. Bijvoorbeeld: Crémant d'Alsace, komt ook uit Bourgogne, Jura
Cru F; 1 -  letterlijk: gewas. Afgeleid van het werkwoord croître (groeien). Ook Gewächs (D)
2 - geeft aan waar een wijn gewonnen is:
a - de beste gebieden binnen de Beaujolais worden met cru aangeduid, dat zijn o.a. Moulin-à-Vent, Morgon en Saint-Amour
b - staat in de Bordeaux gelijk aan het château
c - in de Bourgogne staat het voor climat
3 - kwaliteitsaanduiding voor een wijnhuis/wijngaard, zoals in Grand Cru. Op basis van afspraken tot stand gekomen
Cuvage, cuvaison F; gisting van wijn in de gistingskuip
Cuve F; gistkuip, -tank of -vat; voor het gisten van de most en/of aansluitend het rijpen van de wijn.  Kan ouverte (open = contact zuurstof) of fermée (gesloten) zijn
Cuvée F; melange of assemblage van een wijn. Een wijn die voortkomt uit het mengen van verschillende gistingskuipen. De term wordt ook in andere landen toegepast
Cuvée ouverte F; wijn maken onder invloed van zuurstof, oxidatief
Cuvée fermé F; de gistende massa wordt afgedekt door de chapeau, waardoor zuurstof niet goed bij de vloeistof kan komen.
Cuvée close F; het vat is gesloten, de deksel dicht. 
Cyberwijn Wijn aangekocht via internet

Startpagina